Aloha Hawaii

En dan is het ineens mei! Na 8 dagen vertoeven op de paradijslijke Fiji eilanden wacht Hawaii op me. Dubbel leuk want hier word ik op de 19e 26 jaar. Normaal vier ik mijn verjaardag altijd uitbundig met eten, versieringen en een hoop vrienden en familie, maar dit jaar ben ik in het mooie Hawaii. Ik heb nog 5 dagen om te bedenken waar ik precies wil zijn en wat ik wil doen als ik op Honolulu airport in Oahu land.

Oahu

Het is werkelijk een onmogelijk tijdstip als ik land in Honolulu. Om 2 AM in de ochtend is het vliegveld in de hoofdstad van Hawaii uitgestorven en na een vlotte baggage claim en nieuwe stempel in mijn paspoort sta ik buiten op straat. Mijn plan is een shuttle vinden die naar het centrum van Honolulu gaat en als dat niet lukt neem ik een taxi. Ik loop naar het eerste en beste busje dat ik zie en na een kort gesprek heb ik voor $12 een ride naar Polynesian Hostel in Waikiki. Ik ben drained als ik uiteindelijk om half 4 mijn hostelbed in stap. Éigenlijk heb ik twee dagen geleden een extreem vroege vlucht naar Kauai geboekt, in de veronderstelling dat ik nog steeds met de tijd mee reis en dus deze ochtend door kon vliegen naar het eiland van mijn keuze. Blijk ik dus tussen Fiji en Hawaii de daggrens over te vliegen en dus technisch gezien terug de tijd in reis. Daardaar is de vlucht die ik geboekt heb niet deze ochtend, maar mórgen om het idiote tijdstip 5:15 AM. Na een korte nacht word ik daarom wakker op Oahu en ik besluit deze lange dag ik Waikiki te spenderen. Vanavond neem ik de laatste bus richting het vliegveld en wacht daar op mijn Hawaiian Airlines naar Lihue, Kauai. Waikiki is niets meer dan een grote stad met veel winkels, resorts en een lang, commercieel strand. Ik plunder meteen een Victoria Secret en slenter wat door de straten die gevuld zijn met Japanners en vele daklozen. Dit is absoluut niet waarvoor ik naar Hawaii ben gekomen en dus ben ik maar wat blij dat ik morgen weg ben hier. De wandeling die Stairway of Heaven heet, is wel de moeite waard hoor ik maar ik bewaar mijn hikes voor het mooiste eiland naar horen zeggen: Kauai.

Lihue

Om half 1 snachts neem ik de bus richting het vliegveld. Ik kom daar iets voor 2 aan en ga op zoek naar de terminal voor domestic flights. Honolulu airport is vrij klein en dus sta ik midden in deze Hawaiiaanse nacht voor een dichte deur. De security vraagt me vriendelijk te wachten in de enige terminal die op dit tijdstip open is, ergens in het hoofdgebouw. En dus zeul ik mijn hebben en houwen terug in de richting die ik zojuist vanaf de bushalte heb gelopen en plof daar uitgeput in het felle TL licht op een bankje. Zo slaap ik voor het eerst deze reis op het vliegveld totdat ik rond 4 uur eindelijk kan inchecken. Alles gaat via zelfservice en om 5 uur board ik het kleine witte toestel met paarse bloemen. Het lijkt op het propellor vliegtuigje van Air New Zealand, alleen heeft dit toestel 2 kleine motoren en zitten ze aan de achterkant in plaats van onder de vleugels. Na 25 minuten in de lucht zet de piloot de landing richting Lihue (zeg lie-hoe-è) in waar de zon langzaam opkomt als ik het toestel uit loop. Kauai is niet enorm groot, maar gelukkig kan ik de lokale bus richtig het stadje pakken waar ik mijn Hostel heb geboekt. 


Kapa’a

Ik hoef gelukkig niet lang te wachten op de witte bus die iets weg heeft van de Schoolbussen die je vaak in films ziet. Deze neemt me mee naar het “centrum” van Lihue waar ik een aansluiting kan pakken richting Kapa’a. Ik heb het Kauai Beach House Hostel geboekt en de beste manier om het te beschrijven is een uit de kluit gewassen boomhut met een grote veranda, direct aan het water, er is veel kleur en er zijn vooral heel veel bedden. Heerlijk dat alles zo open is hier: de binnenplaats en keuken zijn overdekt, maar alles is buiten. Alleen de dorms zijn binnen, in grote kamers met plastic shutters en veel licht. Mijn bedje is direct aan het raam (of shutter) en dus zal ik vanavond in een Hawaiiaanse zeebries slapen, ik kan niet wachten. Ik haal boodschappen zodat ik bananapancakes en soep kan maken en begin daarna aan een plan. Nog 4 dagen tot mijn verjaardag en ik weet zeker dat ik die hier, op Kauai wil vieren. Stiekem wil ik een chopperflight maken zodat ik de fameuze Jurrasic Falls (ja uit de Jurassic Park films) kan zien en het prachtige eiland in al jaar glorie goed kan bekijken. De vlucht is prijzig, maar je wordt maar één keer 26 toch? In Hawaii? Ik moet er maar even een nachtje over slapen.

West Kauai

Ik heb me een beetje verkeken op alle afstanden hier in Hawaii. Het is echt veel makkelijker om een auto te hebben en als iemand me tipt op Kayak.com zie ik dat het huren van een auto reuze mee valt qua prijs. Ik huur de goedkoopste optie en ga die de volgende dag zo vroeg mogelijk halen. Om 8 uur ’s ochtends stap ik in mijn grijze Ford Focus inclusief een Hawaiiaans kenteken mét een regenboog erop. Ik voel me reuze stoer als ik in mijn eerste eigen huurauto over de eenbaansweg naar het westen van Kauai rij. Raampjes open, eigen muziek op via een USB kabel – deze dag kan niet meer stuk. Ik rij richting Waimea Canyon waar ik de natuur wil opsnuiven en een mooie hike wil doen. De weg ernaar toe alleen al is een cadeau. Na Nieuw Zeeland ben ik spoilt rotten als het gaat om natuur, maar ik kan de bergen hier op Kauai absoluut waarderen. Het gesteente is oranje-rood met donker groene natuur. Naar mate ik meer omhoog rij wordt de natuur meer ongerept en het uitzicht steeds uitgestrekter. Ik kan me bijna niet voorstellen dat ik voor deze trip een stad boven natuur verkoos en liever een drukke (winkel)strip af liep dan een uitdagende bergroute. Het is bijna niet te beschrijven hoe het voelt om boven op een berg te staan en uit te kijken over oneindig veel puur natuur. Ik spot watervallen en probeer op te maken wat er in het dal is ontstaan. Ik rij vanaf Waimea door naar bijna het uiterste Westelijke punt en parkeer bij het begin van Awaapapuhi trail. Het parcours is 3,25 mijl en loopt van de enige highway, via bergrichels en door bush bush, naar een bergpunt die uitkijkt op North Pacific Ocean en de west kant van Waimea die je anders alleen ziet met een helicopter. Ik ben drie uurtjes zoet met de hike en om te zeggen dat het uitzicht de moeite dubbel en dwars waard is, is eigenlijk het grootste understatement van de eeuw. Ik kijk uit over een prachtige valei naast een azuurblauwe zee zo helder, dat ik zelfs het rif kan zien liggen. Een spannende smalle richel leidt me meer naar het midden van de valei en daar maak ik prachtige plaatjes terwijl ik een muesli bar naar binnen schuif en mijn ogen uit kijk naar al het moois. 




Hoe ga ik ooit deze vorm van fullfillment vinden in mijn eigen kleine kikkerlandje? Het gevoel van totale uitputting na een pittige hike, maar dat niet opweegt tegen het onbetaalbare uitzicht dat daar tegenover staat? Het wordt een grote, al dan niet onmogelijke, uitdaging om dit soort activiteiten in Nederland te vinden, maar gelukkig heb ik een ding ontdekt dit jaar: de wereld is lang zo groot niet. En mooie onotdekte plekken zijn slechts een vlieg- of auto reis weg. Ik heb een nieuwe liefde voor natuur gekregen en daar hoort een nieuwe hobby bij. Het wordt dus plannen maken, sparen en gaan – al is het maar voor een weekendje wandelen in de ardennen. 

Geef een reactie