Buitenmens

Ken je die reclame’s van Bever? Die weer-en-wind commercials met Hollands Glorie mensen vol blosjes, verwaaid haar en modder op het voorhoofd? Ze komen vaak met een stoere voice-over en een nogal vattend moraal: “Niemand is een binnenmens”. Ik krijg deze slogan maar niet uit mijn hoofd momenteel… Het is mijn derde dag in Nieuw-Zeeland en ik bevind me in een verlaten valei in een zelf gebouwd huisje zonder elektriciteit aan de west kust van het zuidereiland. De reis hier naar toe was een interessante…

Een week eerder

Vier dagen voor de jaarwisseling gaf ik mijn vier ouders en beste vriendin Hester een beladen afscheidsknuffel op Schiphol: THIS IS IT! Met 50 kilo aan ingecheckte tassen en flinke handbagage verlaat ik het koude, platte Nederland en verruil ik de winter voor het ’s zomerse Christchurch. Een jaar wonen en werken in Nieuw-Zeeland.. Wie had ooit gedacht dat ík dit zou doen? Reizen met KLM is nieuw voor me en ondanks dat de maatschappij het Nederlandse paradepaardje van de luchtvaartindustrie is, ben ik niet zo enthousiast. Het incheck proces was moeizaam en nogal klantonvriendelijk (wil je een extra koffer mee nemen met KLM, think twice.. wat een gedoe). Als ik plaats neem in het grote toestel voelt het interieur verouderd en lang niet zo comfortabel als Emirates, Virgin of Qantas. 11 uur lang zit ik een rij voor een opgespoten Louis Vuitton moeder met een terror tweeling. Haar dochters schat ik 6 en ze zijn werkelijk onhandelbaar. Ze schreeuwen, vechten, schoppen ieder uur tegen de achterkant van mijn stoel en ondertussen ligt moeders met van die verkoelende wallen lapjes met haar ogen dicht de boel te negeren – BLOED-irritant. De door mijn oom Goof geboekte Premium First Lounge is dan ook een extreem welkom privilege waar ik na aankomst in Hong Kong dankbaar in check. Man wat is dit heerlijk! De vriendelijke hostess boekt me in voor een douche, een massage, ze laat zien waar ik straks uitgebreid kan eten en verkondigd dat alle drankjes die ik bestel gewoon zijn inbegrepen. De komende 5 uur ben ik helemaal zen met mijn champagne en sterrenhotel-waardige extra’s. Na een heerlijke homemade curry en mijn 4e glas bubbels voel ik pas hoe moe ik ben en moet mijzelf het laatste uur bezig houden om niet gevaarlijk hard in slaap te vallen en mijn vlucht mis.

Air New Zealand

Het Air New Zealand toestel is een wereld van verschil naast de Boeing van KLM. Strak, modern en BINGO: maar 70% volgeboekt! De komende 11 uur heb ik dus beschikking over een hele rij en een groot TV scherm met een mega nieuw entertainment programma. De vlucht is 40 minuten vertraagd, erg turbulent (iets met een cycloon boven Filipijnen), maar zeer comfortabel. Ik slaap af en toe (gestrekt), maar ben veel wakker. Op twee-derde van de vlucht ben ik als een van de enige wakker en besluit het ervan de nemen. Ik blijf ongegeneerd complimentary champagne met chips bestellen en kijk Harry Potter tot het nog een uur is tot we landen in Auckland. Door de vertraging is mijn strak aansluitende vlucht om geboekt naar degene een uur later, maar alsnog sta ik voor een interessante uitdaging: ik moet van het internationale vlucht traject wisselen naar NZ Domestic. Waar dat precies op neer komt? Ik heb na landen welgeteld 60 minuten de tijd om volledig uit te checken (tassen en al), mijn stempel te halen, door customs te rennen, een kwartier te lopen naar Domestic Airport, weer volledig in te checken en mijn aansluitende vlucht te halen. Je begrijpt… die relaxte vlucht ben ik meteen na het uitstappen alweer vergeten! Het uur dat volgt is extreem stressvol en heet (zomer hier!). Het is echt onmogelijk onhandig, maar ik probeer kalm te blijven en doorloop alle omslachtige stappen die mijn nieuwe landgenoten als noodzakelijk zien. Het is bijna niet te geloven: het vloerpersoneel sluit de deuren van de gate nog geen 5 seconden achter mijn kont terwijl ik ongemakkelijk lachend en hoofdschuddend de slurf in loop. Nog nooit ben ik de allerlaatste geweest die incheckte en weet: dit nooit meer. Geef mij die 3 uur wachten op ieder airport maar. Het enige voordeel van deze ervaring? Ik maak deze laatste vlucht mijn eerste kiwi-friend en heb eind januari een BBQ bij stewardess Kaitlin en haar yogi huisgenootjes.

Mijn huis in Hillsborough, Christchurch

 

De West kust

De reis heeft me vermoeid, maar viel me (ondanks de laatste 3 uur) niet extreem zwaar. Tuurlijk, het blijft een ***eind, maar je bent er ook zo. En het moment dat ik Luke’s onmiskenbare grijns onder zijn rossige baard spot bij de bagageband… dat moment maakt het alles waard. Het blijft spannend om elkaar na zo’n lange tijd te zien, het is bijna niet uit te leggen, maar deze keer is het extra beladen of zo. Het is niet niks en mijn keuze heeft betrekking op onze beide levens. Het komt goed vinden we en genieten van onze eerste dag samen. Het is heerlijk om weer in Hillsborough te zijn en ons huis is perfect. Veel tijd om ervan te genieten is er echter niet, want we hebben een strak schema. Over 2 dagen moeten we in Te Whenua zijn om het nieuwe jaar in te luiden en de reis er naar toe is een lange. De 31e vertrekken we met een volgeladen truck richting Lewis Pass waar we broer Ben oppikken en verder rijden naar Little Wanganui. In vijf uur rijden we van de oost kust naar die in het westen en stuitten we op het allerlaatste dorpje van noord Karamea. Het is donker als we aankomen en doordat Luke een man is van weinig woorden heb ik pas door dat we hier de nacht gaan doorbrengen in Luke’s opa’s huis op het moment dat we een smalle stoffige weg indraaien. Opa Tim is Nederlands en is na 40 jaar in Nieuw-Zeeland afgelopen zomer vertrokken naar Australië. Zijn enorme, gelijkvloerse huis ziet er in het duister uit alsof deze uit 1800 stamt en de eigenaar abrupt is vertrokken. Alles is nog intact, zelfs de antieke bedden zijn opgemaakt, alleen je kan duidelijk zien dat er niemand meer woont. We maken licht door middel van een Ebeneezer Scrooge kaarsje en ik slik mijn Millenial-ik weg als ik in een stoffig logeerbed kruip. Ik hoop dat er geen gekke beestjes rondkruipen… De maan schijnt licht door het met spinnenrag behangen ruitjesvenster en toont silhouetten van grote houten kasten en charmante krulspiegels. Het is extreem spooky en cool tegelijk, ik ben blij dat Luke naast me ligt. Oudjaarsdag bezoeken we Tim’s imposante oude werkplaats The Weavery waarna we onze hike starten naar ons einddoel: Te Whenua. 

Zelf gelooide outfit van Opa Tim

The Weavery (de weverij van opa Tim en oma Jos)

Te Whenua

Het verhaal over Te Whenua is te lang en te bijzonder om slechts als paragraaf op te nemen. Voor nu moet je weten: het is het stuk land aan de rand van de kust in bezit van de Vos Familie waar de opa Tim en oma Jos halverwege 1900 een bijzondere community hebben opgezet. Luke en zijn familie reizen vaak af naar deze plek en vieren de rust en stilte in het door Tim gebouwde huis aan de rand van een valei. Al sinds de eerste dag dat ik Luke ontmoette, 1 april 2017 – wat een grap, heeft hij het over deze magische plek. Als je af wil reizen naar Te Whenua, kan dat alleen als het tij laag staat anders is de weg ernaar toe niet begaanbaar. We starten net iets te laat, om 11:30, en bij het cruciale “The Point” moeten we enigszins inventief over de zijkant van de stijle rotsen klimmen. Anderhalf uur lang hoppen we over een verlaten strand vol kiezels en stenen waarna we in “Greece” belanden: het strandje vol witte steentjes waar de bostocht de bergen in begint. Ben en Luke geven mij de opdracht het huis te vinden en mijn instinkt volgen is volgens de mannen genoeg. Ik heb geen idee waar ik heen moet en onzeker volg ik een smal pad de dichtbeboste berg op. Het eerste kwartier kijk ik geregeld hulpeloos naar de broers, maar zij houden voet bij stuk: “Just follow your gut, it’s how we got to learn too”. Ik kijk nog eens om me heen en kan, wonder boven wonder, zowaar een soort logische route ontdekken. Als je goed kijkt, zie je dat er op plekken vaker is gelopen en de begroeiing anders is. Modderige grasvelden en smalle bergpaadjes maken plaats voor verkoeling onder metershoge bomen en vastberaden loop ik naar het hoogste punt. Na een half uur vinden we daar, helemaal alleen in het midden van niets, een huisje met daaraan vast een antenne. “Full bars” grijnst Luke en hij wijst naar de heuvel net achter de telefoonpaal, “It’s just up there”. Terwijl hond Pip ons voorbij stormt leggen we de laatste paar meters af en verschijnt er een primitief, maar solide huis met daarachter een gestoord mooi uitzicht over een baai met daaromheen begroeide heuveltoppen. Onder luid geblaf van 3 honden worden we verwelkomd door vader Jackin, moeder Jo en zus Ruthy. We zijn bezweet en bekaf, maar er staan versgebakken scones, Jam en thee klaar en er heerst liefde.

Luke, Pip en Ben tijdens onze “rock-hopping” wandeling tussen Little Wanganui en “Greece”

Het huis in Te Whenua

 

 

Jo en Jackin zorgen voor een heerlijk maal oudjaarsdag

 

Buitenmens

Ik laat mijn zware backpack met een plof op de grond vallen en neem plaats op een van de bankjes gemaakt van boomstronken. Ik kijk uit over al het moois. Het groen, het blauw, het huis, het knapperende vuur, de vogels, de mensen om me heen, de zee met precies een zwerm dolfijnen erin… En dus schieten die woorden van Bever door mijn hoofd. Geen idee waarom, ik denk omdat ze zo passend zijn, maar ik snap in ieder geval helemaal wat ermee bedoeld wordt…

“Niet iedereen is een buitenmens, maar niemand is een binnenmens”

Het uitzicht vanaf ons huis in Te Whenua

7 Comments

Geef een reactie