Calm after the storm

We hebben alle drie nauwelijks een oog dicht gedaan vanacht. Een camper is al niet zo stabiel tijdens het draaien in je bedje, laat staan als er een ongekende G kracht met man en macht je huisje omver probeert te duwen. Het lijkt de volgende ochtend mee te vallen, Debbie heeft in Byron Bay geresulteerd in een paar omgevallen bomen en vooral veel verdwaalde bladeren en takken. Als we het nieuws aanzetten zien we echter dat op plekken een stuk verder noord complete huizen zijn ingestort, tientallen wegen onder water staan en er zelfs mensen zijn omgekomen door het noodweer. We komen er goed vanaf, maar doordat er mensen zijn die hun hele toekomst, hun reden tot bestaan kwijt zijn voelt de blijdschap een beetje dubbel. 

Byron bay

Het idee was dat ik in Byron Bay eindelijk het water in kon en mijn beach breaks skills op zou krikken, maar Debbie geeft de lokale swell een extra boost en doet de golven flink groeien. De hele baai ligt vol met surfers, golf na golf pakken deze pro’s en ik weet: tegen deze golven, laat staan current, valt met mijn 7’4 hardtop niet in te peddelen. Ik houd het dus bij kijken en dat is eigenlijk ook hardstikke fijn. Ik klim omhoog bij Captain Cook’s lookout en terwijl ik jaloers het surfspel aanschouw waait de harde wind door mijn dikke haar en sprayt de warme zee af en toe wat zoute druppels in mijn gezicht. Ik maak in mijn eentje een wandeltocht naar de witte vuurtoren en geef mijn gedachtes de ruimte. Ik leer deze weken veel over mijzelf en probeer mijn toekomstplan wat vorm te geven. Als ik na een uurtje of wat terugkeer zie ik op mijn Apple Health App 8,2 kilometer gelopen te hebben. Zo’n bizar verschil als ik deze dagen vergelijk met die van toen ik nog elke dag achter mijn laptopje zat. Ik maak elke dag aanzienlijk veel kilometers en zit geen dag binnen. Ik vind het heerlijk. In het kleine stadscentrum van Byron geef ik eindelijk toe aan mijn shopdrang. Onder het mom van “ja, maar het is straks kouder in Nieuw Zeeland” koop ik een mooie jas, wat shirts en een vintage high waist rokje én shorts. Die laatste kan ik waarschijnlijk helemaal niet aan in NZ, maar ze hebben gewoon echt veel te leuke spullen hier in Australië. I want it all!

Detour via Carabita Beach

Als de lucht eindelijk een beetje opklaart en de eerste zonnestralen de druppels op onze camper doet verdampen, maken we aanstalten om naar onze volgende bestemming te vertrekken. Surfers Paradise is next en daar neem ik een 2-daagse backpack break: ik heb twee nachten in een hostel geboekt zodat ik mijn lust naar nieuwe mensen (en bier) kan stillen en mijn ouders ook even samen kunnen genieten zonder dat ik zo op hun lip zit. Op het nieuws worden we al gewaarschuwd dat er mogelijk stukken van de Pacific Motorway onbegaanbaar zijn door overstromingen en inderdaad: na 30 minuten zonder enige hinder doorgereden te hebben komen we toch in onze eerste Australische file terecht. Op de vluchtstrook staan honderden locals geparkeerd. Verderop is de snelweg ondergelopen en in Australië is het blijkbaar heel gewoon om dan achterover te gaan hangen in je 4×4 seat en te wachten tot het allemaal voorbij is. Wij Nederlanders vinden dit natuurlijk een complete waste if our time en proberen daarom (ondanks dat er gezegd wordt dat deze er absoluut niet is) een binnendoor weggetje te vinden. Mijn Maps.me app loodst ons naar 2 alternatieve routes, maar beide wegen blijken hardstikke ondergelopen. Er is nog één laatste mogelijkheid en wonder boven wonder komen we via dit vreemde, achteraf weggetje ineens terecht op een uitgestorven Pacific Motorway. Ergens lijkt het bijna alsof we hier niet mogen rijden: de landschappen naast de weg zijn getransformeerd in enorme rivieren en er is geen kip op de weg. Als een tijd later de afslag naar Gold Coast eindelijk zichtbaar wordt snappen we er nog steeds geen bal van, maar het is gelukt: we zijn er! 

Surfers paradise

Mijn ouders gooien mij in Surfer’s bij Down Under Hostel uit de grote camper en rijden zelf door naar een camping in Main beach. Ik moet na 2 weken roadtrippen weer even inkomen in het hele hostel leven, maar binnen no time sta ik te poolen met een Candadees en raak ik aan de praat met een handvol gasten uit de UK. We schrijven ons in voor de pubcrawl en besluiten tijd te doden op het warme strand aan de Gold Coast. Surfer’s is stiekem een Australische versie van Lloret en dus vind je hier behalve een overload aan fast food en grote winkels ontzettend veel bars. Deze eerste nacht in Surfer’s zie ik 5 verschillende clubs waar ik 8 verschillende drankjes drink. Alcohol kan je natuurlijk beter niet mixen, maar in Aussie hebben ze door mooi lak aan: de drankjes zijn inclusief en you can either take it – or leave. Ik dans tot in de kleine uurtjes en heb de grootste lol met de Down Under Hostel crew. Als ik om 6 uur eindelijk mijn stapelbedje in klim voel ik me rozig en blij. Ontzettend leuk voor een nachtje, maar zo intensief stappen hoeft voor mij niet elke dag. De volgende dag loop ik de hele kustlijn af naar Main Beach om verslag uit te brengen over mijn prachtnacht en maak ik me op voor een avond chillen op het strand. Nooit gedacht dat ik geboeid zou zijn door een Amerikaanse nerd die niet op houdt over conspiracy theories, maar onder het genot van een krat (duur!) bier vul ik samen met 5 anderen een hele avond met verhalen over politiek, geld en oorlog. Om 2 uur krijg ik het koud en is het bier op. Voldaan lopen we terug naar het hostel en kijk ik voor de zoveelste keer verwonderd naar de enorme groep sterren recht boven ons. Adam ziet me kijken en maakt ter plekke de dag compleet: “Impressive hey? That’s the milkyway..” <3

Brisbane

Een beetje moe ben ik wel als ik de dag erna weer in de camper stap. We rijden vandaag 80 kilometer verder naar Brisbane en zijn daarmee technisch gezien halverwege onze trip. Ik val als een blok in slaap maar open gelukkig net op tijd mijn ogen om de grote stad te zien opdoemen vanaf de snelweg. De Brisbane River verdeelt deze wereldstad in twee eilanden en maakt ruimte tussen de vele skyscrapers en drukke boulevards. We verblijven een stuk buiten het centrum, maar gelukkig zijn we per bus in no-time in het hart om een activiteit van mijn lijstje af te strepen: een nieuwe Disney film is een paar dagen geleden uitgekomen en wat leuker dan Beauty and the Beast te bekijken in de bios in Brisbane? We slenteren een tijdje over The Southbank en bezoeken de Brisbane letters naast het grote reuzenrad. Ik vind het een super stad, ze hebben zelfs een stadsstrand en het is er ontzettend schoon. Na een diner en de film ben ik weer vervuld van Disney Magic en kan ik niet wachten tot ik in California (lees: Disneyland) ben. Eventjes mis ik mijn vader, mijn Disney-maatje en mede avonturier, maar ik ben ook ontzettend dankbaar dat ik hier met mijn moeder en Robbie ben.

Coolum/sunshine coast

De route vanaf Brisbane verder omhoog brengt nog een flinke uitdaging. We moeten door het stadje Rockhampton en dat is nou net de plek die het meest kampt met overstomingen. We gaan in ieder geval van het ergste uit, dan kan het altijd mee vallen. We worden inderdaad een flink aantal keer omgeleid, maar als we eenmaal de Sunshine Coast inrijden valt de extra reistijd aanzienlijk mee. Ik heb niet veel opties meer om de golven van de Tasman Sea te trotseren en besluit dat, ondanks de shitty weersomstandigheden, Coolum de plek wordt waar ik met mijn surfplank de zee in peddel. Het komt mooi uit dat ik in de Gold Coast outlets een pracht van een wetsuit heb kunnen scoren, ik kan dus een beetje pronken. Het blijkt een van de slechtste surfsessies ever, maar goed, van iedere keer dat ik uit peddel leer ik weer. De stroming is enorm sterk en dus kan ik er met mijn dikke hardtop en mijn nou niet echt zware lijf bijna niet tegenin peddelen. Ik ben extreem verwend met de reef breaks in Indo. Daar kon ik super snel peddelen en pakte ik gemakkelijk de badwater-warme greenwaves. Ik loop onwijs te stoeien in de vroege ochtend en geef het uiteindelijk na anderhalf uit uitgeput op. Geen enorm succes, maar ik kan wel zeggen dat ik de Australische golven heb gesurft! Soort van.. 


Genoeg gespeeld, het is tijd voor wat avontuur. In tegenstelling tot de Whitsundays is Fraser Island gelukkig nog steeds begaanbaar na Cyclone Debbie en dus willen we daar zeker heen. Het schijnt dat we er in een 4×4 over het strand kunnen racen en de spannende hobbelwegen inlands naar paradijslijke strandjes van binnenmeren leiden. Enough said, when can we go?

2 Comments

  • Felly van laarhoven

    april 23, 2017 at 7:38 am

    Hallo , wat een prachtige belevenis , cool allemaal om mee te maken , heb ook 10 jaar veel van de wereld gezien , om je prachtige blog te lezen , heimwee , fijne verblijf nog en lekker genieten , dikke knuffel van Stef en ons allemaal van uit port said weg weg , ik zie je nog wel als je terug bent

    Beantwoorden
    • Marie

      april 24, 2017 at 2:54 am

      Hoi Felly! Dankjewel voor je leuke reactie! Ik heb het heel erg goed. Ben nu net in Nieuw Zeeland en het is echt een heel mooi land. Vele verhalen zullen volgen 🙂 groetjes aan Stef, fijn dat allebei je kinderen nu even thuis zijn. Liefs uit Taupō, x Marie

      Beantwoorden

Geef een reactie